Bij een verkenning naar de ligging van de voormalige schietbaan van de vooroorlogse Burgerwacht op de beboste Stramproyer Buuëtjeshei hebben inwoners uit Stramproy de betonnen funderingen van de observatiepost/schietkelder teruggevonden. Tot de komst van de Duitsers vonden hier in golvende door de wind uitgestoven laagtes van het dekzandgebied met grote regelmaat schietwedstrijden en oefeningen plaats. De exacte plek van de in 1944 afgebrande Blokhut van de Jonge Wacht is nog niet teruggevonden.
‘Schietbaan en Blokhut van de Jonge Wacht en een voormalige bijenschans’ blijken een speciale betekenis te hebben in het geheugen van oudere Royenaren. Dat bleek dit najaar tijdens een tweetal drukbezochte wandelingen van de Dorpsraden van Stramproy en Altweerterheide.

Een werkgroep van de Dorpsraden zet al enige tijd met een aantal betrokken inwoners de identiteit, natuur en erfgoedwaarden van het cultuurlandschap op de agenda van de streek. In dit verband gingen twintig goed ingevoerde inwoners deze week mee op een eerste terreinverkenning naar de in 1929 feestelijk geopende schietbaan van de Burgerwacht.

In de periode na de eerste wereldoorlog werden op aandrang van de landelijke overheid overal in de dorpen mannen met de omgang van wapens gewend gemaakt. De burgerwachten waren bedoeld om bij calamiteiten, onrust en spanningen het wettig gezag bij te staan. Ze oefenden in het gebruik van schietwapens en her en der werden aan het eind van de jaren 20 schietbanen op afgelegen heideterreinen ingericht. In september 1940 werden alle activiteiten van de Burgerwacht door de Duitsers verboden. Na de oorlog werden hier nog schietoefeningen uitgevoerd door de reservepolitie, douane en de landmacht. Maar het voorheen zeer open heidegebied raakte steeds dichter begroeid door de aanplant van dennen en andere opslag.

Onder een steil opgeworpen zandwal stuitte men na enig prik en boorwerk op de fundamenten van de ‘schietkelder’ Vanuit deze 4,5 meter brede ruimte werden twee schietschijven bediend die ‘als schoolborden’ omhoog werden geschoven. In de put zaten twee personen die de gaten in het onderste bord met papier afplakten, terwijl de schutters op het bovenste bord konden schieten. Een ander gaf met een stok het aantal geschoten punten aan.

De zoektocht naar de voormalige Blokhut van de Jonge Wacht bleef zonder resultaat. In de buurt van lag een behoorlijk grote, eigenhandig gebouwde Blokhut. Hier organiseerde het Patronaat voor de jongens van Stramproy sport en spelactiviteiten en werden in de zomerdruk door het dorp bezochte muziek en toneelavonden georganiseerd. Bij een grote bos- en heidebrand in ’44 brandde de Blokhut finaal af, waarna ze niet meer opgebouwd is. Tijdens de terugtocht van de Duitsers in de septemberdagen van ’44 verschansten boeren hier ook nog hun paarden.

Schietbanen van de Burgerwacht behoren tot de nagenoeg vergeten ‘leestekens’ in het Nederlandse cultuurlandschap. Dat geldt evenzeer voor collectief door het dorp gebruikte bijenschansen. Tot in de jaren vijftig werden in de luwte van de schietbaan de korven van de imkers uit het dorp en de hei gestald. Geruime tijd werd hier in de zomerdag ook nog gekampeerd door jeugdverenigingen.