Het college van B&W houdt samen met het COA en de politie een aantal met name Noord-Afrikaanse asielzoekers op het asielzoekerscentrum (AZC) in Weert nauwlettend in de gaten. Net als in de rest van Nederland zijn er maatregelen genomen om overlast te voorkomen.

De stroom asielzoekers uit gevaarlijke gebieden zoals Syrië en Eritrea neemt al maanden af. Er is de laatste tijd echter een toename te zien in het aantal asielzoekers dat uit veilige landen komt. Zij proberen mee te liften op de stroom oorlogsvluchtelingen. Dit betreft met name mensen uit landen in Noord-Afrika zoals Algerije, Marokko en Tunesië. Ook uit Georgië komt een groeiend aantal. In totaal verblijven er op het AZC ongeveer tachtig personen uit veilige landen.

Asielzoekers uit deze landen hebben bijna nooit recht op een verblijfsstatus. Toch duren procedures om ze uit te zetten vaak vrij lang omdat ze bijvoorbeeld aangeven homoseksueel te zijn en gevaar lopen als ze terug gestuurd worden. Dat moet eerst onderzocht worden. In het geval van Marokkanen speelt mee dat Nederland geen uitleveringsverdrag met Marokko meer heeft wat uitzetten lastiger maakt. In afwachting van de uiteindelijke beslissing verblijven ze in AZC’s.

Asielzoekers uit Noord-Afrikaanse landen kwamen de laatste weken negatief in het nieuws. Een aantal vertoond crimineel en overlastgevend gedrag. Ook in Weert hebben zich enkele problemen zoals diefstal voorgedaan. Binnen het AZC veroorzaakt een kleine groep onrust.

Die groep is in het AZC daarom in een apart gebouw geplaatst zo meldde burgemeester Heijmans gisteren aan de gemeenteraad tijdens de informatiebijeenkomst Inwoners. Zoals bekend krijgen mensen uit veilige landen geen vertrekpremie meer als ze teruggestuurd worden. Ook kan het zakgeld dat asielzoekers wekelijks krijgen om in hun levensonderhoud te voorzien stopgezet worden.

Een uiterste maatregel is de overlastgevers uit het AZC zetten. Heijmans heeft zich daar steeds tegen verzet. ‘Als je ze buiten zet wordt het een probleem van de samenleving. Toch heb ik dat een drietal keren niet kunnen voorkomen. In twee gevallen zijn personen naar een ander asielzoekerscentrum overgebracht. In één geval is iemand echt buiten gezet maar deze persoon heeft vervolgens een aantal nachten in de politiecel doorgebracht’, aldus Heijmans.

Momenteel is de situatie onder controle. ‘Maar dat is uiteraard geen garantie, morgen kan er iets gebeuren, dat kan altijd, ‘ zo besloot Heijmans zijn toelichting gisteren.

Daarom heeft de burgemeester bijna wekelijks overleg met de locatiemanager van het asielzoekerscentrum in Weert. Ook in vaste overleggen met de politie en het Openbaar Ministerie wordt de situatie besproken. Tot slot worden er ook nog steeds met regelmaat informatiebijeenkomsten voor buurtbewoners georganiseerd, de laatste was in november.

In november bevonden zich in het asielzoekerscentrum in Weert 781 personen. Sinds april van dit jaar is er een afname in het aantal bewoners te zien. In november was er weer een lichte stijging door de sluiting van asielzoekerscentra in de omgeving zoals Budel-Dorplein. Deze mensen zijn voor een groot deel overgeplaatst naar Weert. De herkomst van de grootste groep mensen is nog steeds Syrië, ongeveer éénderde. Uit Irak en Eritrea komt allebei nog eens tien procent.

48% van de bewoners heeft een verblijfsvergunning en is in afwachting van een woning ergens in Nederland. Van 19% is de procedure nog in behandeling, 30% wacht op uitzetting. Het aandeel van de noodopvang is nog maar klein, 3%. Zestig procent van de aanwezige personen is tussen de 18 en 35 jaar oud, drie kwart is man. Gemiddeld verblijven asielzoekers zes maanden op het AZC. Er is ook een opmerkelijk grote groep die tussen de één en twee jaar verblijft.

De gemeente blijft er bij het COA op aandringen dat ze het liefst vooral gezinnen met kinderen in Weert geplaatst ziet worden. Dit met name ook om de school op het asielzoekerscentrum levensvatbaar te houden. Toch is het de vraag of het asielzoekerscentrum in Weert de volle vijf jaar, dus tot 2020 open zal blijven.