Nederweert – De rechtbank Limburg sprak woensdag een 62-jarige man vrij van verkrachting en aanranding van zijn stiefkleinkind. Het meisje was jonger dan twaalf jaar. De rechtbank vond onvoldoende wettig bewijs voor een veroordeling.
De man zou op 24 mei 2025 in Nederweert seksuele handelingen hebben verricht bij het meisje (geboren in 2017). Hij was haar stiefopa en had haar onder zijn hoede. De aanklacht bestond primair uit verkrachting en subsidiair uit aanranding.
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie eiste veroordeling voor verkrachting. Volgens het Openbaar Ministerie waren de verklaringen van het meisje consistent, gedetailleerd en betrouwbaar. Als steunbewijs wees de officier op twee punten. Ten eerste toonde het meisje verdriet en angst tijdens een gesprek met haar vader enkele dagen later. Ten tweede gebruikte zij het woord “poes” voor vagina. Dat woord zou zij normaal niet gebruiken, maar de verdachte wel.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank stelde vast dat al het belastende bewijs uitsluitend van het meisje zelf afkomstig was. Volgens de wetgeving mag een rechter niet uitsluitend afgaan op de verklaring van één getuige.
De rechtbank verwierp beide steunbewijzen van de officier van justitie. Het meisje toonde haar emoties niet direct na het vermeende misbruik, maar pas drie dagen later. In die tussenliggende periode viel er niets bijzonders op aan haar gedrag. Op de avond van 24 mei at het gezin nog gewoon samen uit. Het meisje reageerde bovendien enthousiast toen ze hoorde dat de verdachte haar op 27 mei zou ophalen. Een appbericht van 25 mei bevestigde dit: zij had gezegd liever naar de verdachte en zijn vrouw te gaan.
Uitkomst
De rechtbank sprak de man vrij van zowel de primaire als de subsidiaire aanklacht. De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd van 7.044,55 euro. Die vordering verklaarde de rechtbank niet-ontvankelijk, omdat de rechter de verdachte vrijsprak.
Lees de volledige uitspraak via: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBLIM:2026:3026
