Landelijke ophokplicht van kracht vanwege vogelgriep

Minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft per 26 oktober 2021 om 12:00 uur voor heel Nederland een ophokplicht ingesteld voor alle bedrijven die commercieel pluimvee houden.

De maatregel wordt genomen naar aanleiding van een vondst van hoogpathogene vogelgriep (H5) bij leghennen op een biologisch pluimveebedrijf in Zeewolde (Flevoland). Om verspreiding van het virus te voorkomen, wordt het besmette bedrijf in Zeewolde met circa 36.000 dieren door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) geruimd. 

Met het oog op de uitbraak in Zeewolde, toenemende vondsten van dode wilde vogels in noord Nederland én besmette wilde vogels in Duitsland, stelt minister Schouten een landelijke ophokplicht in voor commercieel gehouden pluimvee. Dit gebeurt om het risico op insleep van het vogelgriepvirus uit wilde vogels bij bedrijven in Nederland te verkleinen. 
Dierentuinen, kinderboerderijen en eigenaren van hobbyvogels- (zoals duiven en parkieten) en kippen zijn verplicht hun pluimvee en watervogels af te schermen om zoveel mogelijk te voorkomen dat de vogels in contact komen met zieke wilde vogels of hun uitwerpselen. Dit kan bijvoorbeeld door de dieren in een volière te houden.

Op de website van de NVWA is meer informatie te vinden over hoe dit het beste kan. Ook is er een verbod ingesteld op het tentoonstellen van pluimvee, watervogels en loopvogels.
Het ministerie van LNV zal het insleeprisico laten beoordelen door de deskundigengroep dierziekten.

Maak melding van dode wilde vogels

Het is belangrijk dat vondsten van dode wilde vogels worden gemeld bij de daarvoor bestemde instanties. Meer informatie over waar dit het beste kan is te vinden op de website van de NVWA. Voor houders van vogels geldt een meldplicht, zij moeten melding maken bij de NVWA van uitval van dieren. Hierdoor kunnen besmettingen met vogelgriep eerder aan het licht komen en wordt het risico op verspreidingen kleiner.