Gerechtshof: invoeren avondklok was toch toegestaan

De avondklok, die op 23 januari 2021 is ingegaan, mag worden gebaseerd op de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg). Dit heeft het gerechtshof Den Haag vandaag beslist. Hiermee is het vonnis van de Haagse rechtbank van tafel in het kort geding dat was aangespannen door Viruswaarheid tegen de Staat.

Het gerechtshof Den Haag heeft vandaag uitspraak gedaan in de zaak over de avondklok. De voorzieningenrechter had bij vonnis van 16 februari de avondklok per direct buiten werking gesteld, omdat deze niet legitiem zou zijn. Het gerechtshof heeft echter geoordeeld dat er wel degelijk sprake is van buitengewone omstandigheden die het invoeren van de avondklok mogelijk maken. De corona-pandemie is hiervoor voldoende aanleiding. De regering mocht uitgaan van het advies van het Outbreak Management Team.

Ook is het gerechtshof van mening dat het instellen van de avondklok proportioneel is en dat andere middelen redelijkerwijs niet voorhanden zijn. De (tijdelijke en beperkte) inbreuk op diverse grondrechten, zoals het recht op bewegingsvrijheid, is volgens het gerechtshof dan ook gerechtvaardigd.

Tegen deze uitspraak van het gerechtshof Den Haag is cassatie mogelijk bij de Hoge Raad.